Vandaag weer terug naar San Francisco weer langs de kust. De oceaan was uiterst onstuimig hetgeen spectaculaire beelden opleverde. Op gegeven moment een aantal kite surfers gezien. De foto’s zeggen alles. 

 

’s=Morgens opgestaan bij 46 graden Fahrenheit. Da’s dus 10 graden. Kippevelweer.
130 mijl langs de kust gereden op de Highway 1 ook wel Big Sur genoemd. Azuurblauw water en vergezichten die je wel in autoreclames tegenkomt. Ook wel weer stukken met mist.

Na het motel te hebben opgezocht de beroemde “17 Mile Drive” gedaan, langs supervilla’s en golfbanen als Cypress Point en Pebble Beach.  Peter kwijlend langs de greens gestaan (Pebble Beach was opmerkelijk toegankelijk.)

Een tussenstop in wat een strandbezoek zou hebben moet zijn.
Echter: mist uit zee deed de temperatuur dalen tot 56 graden Fahrenheit ofwel zo’n 13 a 14 graden Celsius !
Niet echt strandweer dus. Dan maar even rondlopen en lekker vis eten met uitzicht over de mist…

De tweede dag Morro Bay maar in de auto getapt en doorgereden tot de zon scheen, hetgeen het geval was in Avila Beach. Daar toch lekker op het strand gezeten en met de frisbee gedold.

Teruggereden en ja hoor: weer in de mist.

We zijn terug in LA en hebben na de rit er naar toe alleen maar zin in zwembad. Voor het eerst gaat de thermometer voorbij de 104 graden Fahrenheit oftewel 40 graden Celsius.  Veel warmer dan in Vegas of Death Valley dus. Niet veel meer gedaan.

Dag 21 Walk of Fame gedaan in Hollywood. Verder shop until you drop… Hierna (je raadt het al) zwembad !

De dagen worden langzaam minder druk en de drang om iedere dag te schrijven wordt ook steeds minder. Vandaar dat de blog wat achter ligt.
Maar goed; we vertrokken vanuit Yuma redelijk optijd om nog tijd over te houden in San Diego. Al met al kwamen we rond half twee aan in San Diego.

We waren blij verrast met ons hotel: Ramada Plaza. Na een rondloopje in “Old Town”, een Victoriaans-achtig overgebleven hoekje in San Diego, boodschappen gedaan en bij het zwembad gehangen.

Dag twee was in zijn geheel gewijd aan Seaworld. Daarna waren we uitgepoept en begon de lethargie t.a.v. het bijhouden van de blog.

Dag drie was het plan downtown San Diego te bezoeken, maar we zijn onderweg in de dierentuin beland. Deze zoo staat overigens te boek alks een van de mooiste ter wereld. Dit is zekere het geval als je naar de planten en bomen kijkt, maar de beplanting was zo dicht, dat de meeste dieren er zich uitstekend konden verbergen. De dieren die we wel konden zien lagen als zakken zand in een hoek van de kooi (37 graden Celsius, wat zouden jullie doen ?)

Wat een gat in de grond!
Flagstaff-Yuma is een ritje van ongeveer vijf uurtjes. Bij aankomst worden we verrast door een temaperatuur van 38* C (101* F). Gelukkig is er een zwembad bij het motel, dus eerst even afkoelen en daarna zoeken naar het stadscentrum.
Na tien minuten rondjes te hebben gereden hebben we de eerste-de-beste Amerikaan gevraagd naar de weg. Zijn antwoord: “Hoezo? Centrum?” Oké, waar kunnen we dan wat eten? “Ergens op 16th street.” Daarna had hij nog een vraag voor ons: “Waarom haten jullie Amerikanen zo erg?” Uit angst eerst gevraagd naar zijn politieke geaardheid: Republiekein. Waarna ons antwoord was: Bush.
Uiteindelijk een leuk restaurantje gevonden wat er van buiten niet erg aangenaam uit zag maar erg gezellig bleek. Heerlijke steak gegeten en toen naar bed met een volle maag.

Morgen de laatste loodjes naar San Diego: Cultuur & Seaworld.

De veertiende dag was een heel lange rit door kaal landschap met als enig hoogtepunt de brug over de Colorado River.  Het valt op dat er mensen zich hebben gesettled met caravans of houten hutjes in dit onherbergzame land. Verder mijlenver geen wegen of bewoonde wereld.

We arriveren in Flagstaff, een rustig provinciaal stadje met een “oud historisch” centrum. Als iets ouder is dan 50 jaar dan wordt het in Amerika al historisch. Het is wel een gezellig plekje. Jongeren die hun “Graduate Party” vieren, meisjes in lang en jongens in smoking. Leuke kroegjes, restaurantjes e.d.

Volgende dag naar Grand Canyon, een rit van ongeveer 75 mijl.
Niets kan beschrijven of in beeld brengen hoe dit beeld van “het grote gat in de grond” overkomt als je het voor het eersts ziet. “Wow” of “Men, this is impossible” of “Awesome” zijn dingen die je hoort.
Je voelt je echt nietig hier. Amerika heeft de reputatie van “alles is groot” maar hier gaat het over de grootsheid van de natuur, iets waar de Amerikanen terecht trots op zijn en door hun beheer van de natuurparken proberen te bewaren voor het nageslacht.
Waar we staan is de overkant zo’n 16 kilometer ver en op punten bijna één kilometer diep. We proberen foto’s te maken, maar hebben het idee dat die niet overkomen. Toch maar geprobeerd.

Dag 13 Bryce Canyon

mei 14, 2008

Een van de mooiste natuurreservaten die we tot nu toe hebben gezien. De bergen zijn vuurrood gekleurd en de lucht was strakblauw. Uitgelezen moment, natuurlijk, om foto’s te maken. De rit was een tegenvaller: twee uur en een kwartier hebben we in de auto gezeten om er te komen. Marc en Jochem stilletjes met hun spelcomputers op de achterbank, Stephanie voor zichuit starend en af-en-toe wegdommelend voorin en Peter straf achter het stuur. Het is het wel waard geweest: wat een uitzicht! En erg mooie foto’s gemaakt tijdens de wandeling over de ‘Navajo loop’ van ongeveer anderhalf uur.
De terugreis was nog stiller dan de heenreis: We waren allemaal moe van het lopen en de berglucht. Alleen Jochem heeft zich de hele weg kunnen vermaken op zijn Nintendo. Steef en Marc lagen het grootste gedeelte van de tijd te slapen (met bewijs: zie foto).

Voor de afsluiting van ons parkbezoek van de afgelopen paar dagen gaan we morgen naar de Gand Canyon. Wel zo gepast, niet?

Vandaag Mormonenland binnengetrokken. Wederom een rustige start met maar 125 mijl rijden tussen Las Vegas en St. George. Wel onze vierde staat. Na Californië, Nevada en vandaag Utah, passeerden we ook nog een stukje Arizona op weg naar het Zion National Park.

De weg er naar toe was zeer fraai. Indrukwekkende vergezichten, ruige bergpartijen, veel rood en grijs en voor het eerst sinds een week door een groen dorp gereden: Rockville. Een genoeglijk Peyton Place-achtig dorpje met kerkje en al.  

Hierna het park binnengereden en bij het Visitor Centre de hop-on-hop-off shuttle genomen om door de Zion Canyon te gaan. Op diverse plekken uitgestapt en de prachtige plekken aangegaapt. Veel foto’s genomen waarvan akte. Na een lange wandeling (meer dan een uur) een beetje anticlimax. Het beeld dat werd geschapen was van een gorgelende rivier door een nauwe kloof, maar meer als (overigens wilde) modderstroom om de hoek van de rots was het niet. Terug naar het motel in het donker om het verslag hetgeen nu voor u ligt te maken.’

Opnieuw een ontspannen dagje: tocht naar de Hoover Dam gemaakt en hierna toch weer een Amerikaanse Burger genoten. ’s-Middags hebben de jongeren onder ons nog even bij het zwembad gezeten.

Na het diner en een zekere hoeveelheid vergokte dollars (je leert het nooit…) weer de stad ingetogen om het tweede deel van de strip te zien. Mirage, Treasure Island (geen show helaas) en als klap op de vuurpijl The Venetian.

Jochem en Peter zijn hierna teruggegaan.  Marc en Stephanie hebben hun kans waargenomen om nog even te gaan stappen in de Mirage. De club heette The Beatles Revolution, een trendy café met te veel VIP plaatsen. Wel zo gezien hoe de rijken onder ons uitgaan. Stephanie gratis naar binnen en Marc moest tien dollar schokken. Hoezo discriminatie ? Uiteindelijk gingen ze kwart over drie onder de wol.